natuur·weer

Dag, droom.

Er volgen alsnog een paar warme dagen. Daar verheug ik me op, in september blijft de hitte ’s avonds niet hangen, zo zou ik het de hele herfst wel willen.

Het was ideaal als de natuur persoonlijke verzoeken kon inwilligen, die bestuurt tenslotte het weer. Ik snap dat ieder zijn eigen klimaatje teveel gevraagd is maar een meteorologische loterij lijkt me wel wat. Als probeersel.
Elk seizoen één winnaar per provincie, beter nog: per gemeente. Daar profiteren alle bewoners van.
Stel je de feestelijke loting voor, Chantal doet de trekking, kust de stralende gelukkige, iedereen is blij. KNMI biedt een extra prijsje, een zonnebril of zo.

Maar het zou niet in vrede verlopen, vrees ik.
Protesten, complotten en halvegaren verstoorden waarschijnlijk de gang van zaken met heibel over de uitslag.
Het zonnetje zou de winnaar niet gegund dus verduisterd worden.
En het weer?
Dat hield het voor gezien en  liet de mensen aan hun lot over.
De natuur eigen.
==

weer

Mooi weer? Tja…

Vanmorgen werd ik wakker met een zere keel en een dik hoofd.
Ik wijt het aan overmoed, gisteren, zonder jas de windvlagen trotserend, een buurpraatje in de zon, ramen lappend. Die dingen.
Intussen knapte ik weer op.
Maar voor alle zekerheid adviseer ik dit te lezen met een oogkapje.

=

weer·winter

IJs en weder dienende?

Hoewel ik graag een strenge winter tegemoet zie vind ik deze zachte dagen ook prettig.
Een uurtje zon, misschien iets langer, maakt het af.
Je loopt lekker. De was droogt fris. In het tuintje bezig zijn is aangenaam
Je zou buiten gaan zitten als je een plek of terras op het zuiden had.
Het gewas houdt er ook wel van, nieuwe scheuten hier en daar en de passievrucht heeft gezelschap gekregen. Nog knalgroen maar wie weet kleurt hij alsnog.
Ook zag ik nieuwe sprieten uit het plastic grasmatje opkomen, kun je nagaan.

Toch hoop ik op winterweer, desnoods maar een week, dat lijkt me niet teveel gevraagd.
Je kan wel met bussen schuimsneeuw te werk gaan maar dat is zo ongeloofwaardig, voor en achter het huis een reepje wit, de winter zou zich krom lachen en er een extra zonnetje op zetten. Dan krijg je zo’n smeerboel.
Er zit, vrees ik, niets anders op dan sneeuw en ijs af te smeken. Als ongelovige kan ik niet met een echt gebed aankomen maar elke avond een klein versje lijkt me een goed begin:
Onze lieve heertje
geef slecht weertje…

 

.

weer

Weertje ☼

Zon, weinig wind, blauwe lucht.
Ik heb zin om sunblocks te halen en een nieuwe parasol, bikini en strandschoenen, badlaken, extra leesvoer. Zonnestoel op te zoeken en met alle spullen aan het vijvertje te gaan zitten.
Maar ik doe het natuurlijk niet, zonde om de paddenstoelen te beschadigen.

klimaat·weer

Grijs en nat

 

 

 

 

 

De maartmaand is tot nog toe naatje
wat is dat nou voor ’n klimaatje
crèmen overbodig
paraplu hard nodig
bij’t ondermaatse zonnetje
dat
-verhuld in een japonnetje
van wolkig grijs en tegenzin-
het uur schijnt af te wachten
om met fatsoen weer heen te gaan.
Dat gierig maartse zonnetje,
ik zou het kunnen slaan.
=

seizoen·weer

Nooit goed

Noem me ondankaar, een zeurpiet, een zeikwijf, maar ik word dat weer zo moe.
Zo droog, zo vaag. Zo saai.
Ineens heb ik er genoeg van.
In de zon mag het mooi en zomers lijken, het is zo véél van hetzelfde.
Daar word ik net zo ongedurig van als van lange regenweken.
Af en toe een onderbreking zou me blij maken.
Niet te lang natuurlijk, een paar dagen regen, storm, onweer met vurige flitsen die knallend donderen, rommelend in de verte.

Vanmorgen zag ik ijs op het platdak en werd bijna lyrisch. Hoera, een winterweekend, bibberend naar truien zoeken (hoe zien die er ook weer uit?), straks erwten kopen en een bovenpoot.  Handenwrijvend dook ik onder de douche en verbeeldde me dat ik al kippevel had. De thermostaat omhoog, halleluja.
Helaas, het stelde niets voor.
Eer dat de radiators warm waren was het ijs al gesmolten.

Lusteloos pook ik in de droge tuin,  klimops en druivenstruiken zijn bijna kaal, uitgedroogd.
Het leeft niet meer, de grond ziet er doods uit.
Zelfs het onkruid wil niet meer groeien.
Laat ik dat dan maar als een voordeel zien en hopen dat ik morgen uitgemopperd ben.
=

weer

Weerman, onbestendig.

‘Goedenavond dames en heren. Het sneeuwt en dat blijft de eerste dagen zo. Lastig op de weg maar prachtige beelden van het landschap…’
volgende dag
‘Het sneeuwt buitengewoon veel. Prachtige beelden maar lastig op de weg.’
dag 3
‘Het sneeuwt maar door. Prachtig en lastig.
dag 4
‘Het sneeuwt nog steeds. Lastig, prachtig…’
dag 5
Zucht. ‘Het sneeuwt, blijft dat zo?’
dag 6
‘Sneeuw….’
na een week
‘Sneeuw, snik…’
achtste dag
‘SNEEUW, o mijn god… sneeuw, neee…’
negende
‘Goedenavond dames en heren kijkers, ik val in voor onze vaste weerman die opgenomen is met acute depressieverschijnselen en als die kl… sneeuw nog lang duurt GA IK HEM ACHTERNA’
‘Goedenavond iedereen, ik ben de Verschrikkelijke Sneeuwman..
===
weer

Regenconcert


Kletsend plenzend,  dan weer druppelsgewijs.
Als pauze een gelijkmatig gedeelte, gestadig, monotoon, een slaapmiddel bijna.
Plots een uitbarsting,  ssssjj,  opende zich een hemelse niagara? Duistere wolk erboven, antracietkleurig en somber. En verbleekt, verandert. Alweer.
Lichtgrijs, nog net geen blauw, sproeit sprieterige druppels, nauwelijks voelbaar, toch nat.
Allengs krijgen ze body en groeien samen op tot een volwassen bui.
Kwartieren, minuten, alle variaties in tijd en volume komen langs.
Plassen dijen uit en zakken weg, groeien weer aan. Borrelen en vallen bijna stil, rimpelen weer op.
Nat, half droog, kledder, drijf, dampend en dan weer druipnat.
Regendagen saai?
weer

Droog

De zon is half weg, schemer lonkt.
Wolken naderen. Ze zoeken een geschikte locatie om te lossen, ze strekken de handen uit om de droogte te peilen, zie je hun vingers boven daken en bomen?

Het wordt nu langzaam donker. Koppig blijf ik buiten, wachtend op regen, dikke plensbuien met grote druppels en kleinere voor de lis en wisteria.
Het gesleep met gieter en sproeiers ben ik spuugzat maar ’n beetje spuug is niet toereikend voor de  bloemen.
Aaarrrg, de wolken gaan voorbij.
Zucht.
Misschien dat er vannacht nog eentje langskomt, een die water over heeft en compassie met-of-voor de tuintjes in onze buurt.
En anders dondert ‘ie maar op.