Nog één oudje..


..en dan schei ik er weer mee uit.
Onderstaand versje  was mijn allereerste Ollekebolleke, een dichtvorm die ik niet kende en  wilde proberen.
Het is een vrij makkelijke manier van dichten door het ritme, alleen de zes-lettergreep-woorden maken het lastig.

Ol-le-ke bol-le-ke
voor mij een nieuw probleem
want ik weet niet zo goed
waar het om draait.

Maar met dedáin voor de
líteratureluur
heb ik dez’ dichtvorm
nu toch nog gepaaid.

©Bertie/bertjens

Advertenties

Wakker worden.

De dag begon met weinig zin
ik zag het aan een wolk die
somber voor’t raam verscheen.
Da’s lekker, dacht ik, moet ik zo de morgen in?
Slomig en saai was het duffe beeld
van donker-wit naar
antraciet, als een narrige duivin.
En net zou ik  terug naar bed gaan toen
een tegendraads gezicht opkwam
schattig als een luchtgodin.
Ik klaarde op en knipoogde
naar het wonderlijke ding
‘weet je dat ik je bemin?’
-==
Bertjens/Bertie ©

Teruggevonden: versje Grand Hotel Europa

Loop je in Amsterdam
of in Venetië
voel je je vleugellam
en ruïneus.

Dat is hoe Ilja schreef
interessantsgewijs
Nieuw is het allerminst
wel modieus.
=
Dit Ollekebolleke  was ik kwijt. Ik schreef het nav het boek Grand Hotel Europa van Ilja Pfeijffer.
Geprezen, genomineerd voor de Libris Literatuurprijs.
Er staan ontegenzeggelijk mooie stukjes in met prachtige zinnen, de titel is prima. Deskundigen zijn vol lof.
Maar daarom  hoef ìk het nog niet mooi te vinden.
(De beschrijving van het boek is makkelijk te vinden op Google.)
==

Versje uit de lucht gegrepen

Men hoort een vreselijk gerucht
er zwerft een bende in de lucht.
Nimbussen met kwaaie koppen
zullen oceanen droppen
gekners der tanden zal weerklinken
tot ze in het diep verdrinken
lage landen vallen dood
ondanks ervaren watersnood
en….
Cirrocu luistert en hij lacht,
‘dit is heel verkeerd gedacht
tis dom geklets, tis glad niet waar
het duurt nog minstens
dertien jaar.’
(Dat hij slecht in rekenen is
heeft hier geen betekenis).
==
© Bertie/Bertjens

Avondrijm

Het is weer tijd voor rijmelarij
van o-wat-zijn-we-heden-blij
ik voel het aan mijn water
het is maar suffe beuzelarij
een makkelijke woordenbrij
een beetje taaltheater.

Je leest alhier aanstellerij
-en ook een scheut dikdoenerij-
van iemand met gesnater
maar niets is echt, tis liefhebberij
geen dichterlijke haarkloverij
en wordt het ’s avonds later
ontaardend in lolbroekerij
dan is het enkel leegloperij.
Voorbode van een kater.
==

Zonnevers.


Nu is het eindelijk zomer
zo sprak de bleke dromer
hij voelde prikkend zonnelicht
op zijn bleke buik gericht.

Hij rees omhoog en rekte lui
schurkte in de stralenbui
bracht zijn bed naar buiten
keek in spiegelruiten
en zag zijn geestverschijning
in schone fantasiebelijning.

Hij ging liggen en genoot
met het lijf en leden bloot
als een kunstig clair-obscur
wentelde om ’t halve uur
tot zijn lichaam was verkleurd.

– Ik voel me heerlijk opgefleurd
sprak de gewezen blekerd
en zei toen, zelfverzekerd,
– Zalig zij de zomer
nu ben ‘k een gouden dromer
=

© Bertie