ruzie·versje

Ruzie

ruzie-2437970__340
Tis avond en koud
ik verlang naar bed
waar jij ligt, vertwijfeld,
of ik nog bij je kom.
Ik wacht tot
ik denk
dat je slaapt
kruip zachtjes
onder het dekbed.
Je houdt je stil
beweegt je niet
zo liggen we
roerloos
en wachten
op een teken van een van ons.
==
©BertieB

kat·versje

Opschepper

De verveelde dikke kat
die ons zo hautain bezat
en een saaiig leven leidde
sloom en lui de tijd verbeidde
de rooie met die strepen
heeft zojuist een plan bedacht.

katcat-1056661__340— Straks verbrand ik al mijn schepen
ik ga op zwoele-vrouwenjacht
met mijn imposante moed
en bijna-Siamezenbloed
schaak ik, puur voor  dolle gein
een Perzerin
een Russisch blauwe
en een slanke Abessijn
man, wat zal ik van ze houe. —

Hij droomt alvast van voorplezier
bij’t wachten op de maan
want een rasecht kattendier
zal in het donker gaan.
==
© Bertie

versje

Laat in de avond

slaapmassage-1020679__340
Rijmen en dichten
zonder hemd op te lichten?
Of dichten en rijmen
als oud-ome Sijmen
die drie zijner nichten
vakkundig liet zwichten
voor beddegeheimen
door listig te slijmen
(‘Uw schone gezichten’).
De suffige wichten
lieten zich lijmen
en zouden bezwijmen
door Sijmens berichten
bezield als hij was door oudoomse plichten.
==

versje

Rug


Op mijn rug daar zat een krab
ik haalde uit en gaf een klap
maar daar ik week ben, zeg maar slap,
(grootgebracht met lammetjespap)
leek het of een zemelap
hem streelde met een zachte flap.
Nogmaals zette ik me schrap
het was niet nodig hij ging rap
van mijn rug af, ‘twerd hem te krap
hij hield niet van die slappe hap.
=

© Bertie Bertjens

versje·winter

Korte winter

Het was een kortdurende winter
slecht even, niet meer dan een flinter
van wind sneeuw en ijs
maar groots was de prijs
te schaatsen zo snel als een sprinter

Toen was het weer tijd om te dooien
de tintel van  kou te verklooien
na zand zout en water
kwam weldra de kater.
Die winters, het zijn enkel fooien.
==