Over sterven

Je keek ons aan en zag ons niet
je wachtte slechts
was toe aan rust
blijer met wat komen ging
dan droef om wat je achterliet

Drieënhalf jaar geleden.

Advertenties

Hongerrijm

In een kruidenierse winkel
tussen wortelen en brood
loopt een arme lightversedichter
wiens talent, niet al te groot,
zich zo graag zou onderhouden
met een poezie-genoot.

Waarom zoekt die verzenmaker
juist bij mik en rode kroot?
Wel, t’is de honger die hem aanstuurt
betere dichtersvrienden noodt.
Hij droomt nog enkel voedselrijmen
en huivert voor een armoedood.

Brekie en Brekie-song


‘k Zit op m’n bankje stil te dromen
van de Sterke Bertus-tijd
vel in gedachten grote bomen,
met één zwaai een plankentapijt.

Nu is het trainen op een broodje.
met een karig keukenzwaard
er is vooruitgang, een klein mootje
bleef hangen, volgens mij was’t een staart.
==
Nog een paar dagen, dan hoop ik makkelijker te typen en ga ik weer reacties beantwoorden en alle posts lezen. Ik kijk er naar uit, langzamerhand begin ik de bloggerswereld meer te missen dan ik had verwacht ondanks het leeswerk.

Als kind…

…schreef ik een boek
een heel dik boek
van minstens zestien vellen;
over Moortje onze kat
van ouders als een rechtend pad
en liefderijke zusmodellen.
Ook de school kwam aan de beurt
uiteraard in roz’ gekleurd
dan de kerk met god en hemel,
zaligzinnelijk gefemel
van engelen die braafheid kweelden
zoet als bloemen.  Woorden streelden
en penseelden
zacht mijn kinderlijk geloof
voor realisme was ik doof.
Gehoorzaam schreef ik mijn verhaal.
Een kind is willig materiaal.
© Decomenik

Fietsvers

We waren op de fiets gesprongen
want we voelden ons gedwongen
van de winter te genieten
dus we reesten door de straten
-het verkeer in alle staten-
toen het plots begon te gieten.

Nondedju wat ’n gedonder
éven leek het ons gezonder
af te stappen bij een kroeg
en een neutje in te nemen
bij de barjuffrouw wat flemen.
Helaas, het plichtsgevoel dat joeg.

Ergo, we trapten ons te pletter
bliksem flitste met geknetter
sportgevoelen sloeg op tilt
nooit hadden we zo luid geklaagd
in regen die zo sterk gevlaagd
ons lijf onwinters heeft verkild.

© Bertjens