Ben ik weer.

Een dagje uit met avondje na.
Daarna een dag met bezoek en zelf op bezoek gaan.
Niets bijzonders maar met een opkomende kou  -vermoed ik-  word je er niet lekker van en ben je blij op je eigen bank te hangen.
Niet dat het helpt, mijn hoofd borrelt in alle holtes en de maag is solidair.
Ik zal zien hoe ver ik kom met alle berichten, morgen is er ook nog. En overmorgen.
Nu eerst een kop hete thee.
Tot blogs. Misschien.

==

Sympathie

Vanmorgen.

Ha….o?
Goedemorgen mevrouw B. Bent U mevrouw zelf?
J., ..nd…aa.
We hebben een prachtige aanbieding voor U…
La.. zit….
...voor heel weinig geld
Geen i.ter…
Wat zegt U?
GGG… INT….
U schreeuwt, ik versta het niet.
s… ..ij.
Pardon?
S… (diepe ademhaling)   stemkwijt
Daarop drukte ik hem weg.
En werd opnieuw gebeld waarna ik alles uitzette.

Bij de bibliotheek.
– Haai, lang niet gezien. Alles goed?
Ik knikte. Niet weer zo’n sessie, hoopte ik.
Ze kwam naar me toe en blabla’de. Ik verstond er niks van, met de stem zaten opeens ook mijn oren op slot.
Ze zag het. ‘Wat heb je?’
Ik wees naar de balie waarop pen en papier en schreef: stem en oren kwijt.
Ze lachte, sorry B, volgende keer beter.
Een begripvolle reactie.

In de supermarkt kwamen de oren langzamerhand tot leven.
Mijn stem verrekte het. Toen een man tegen me aanbotste mimede ik ‘Sorry’ en articuleerde overdreven: ‘mijn stem doet het niet.’
Ook hij begreep.

Er zijn veel sympathieke mensen op de wereld.
In ons dorp.
==

.

Weer boven water

Goedemorgen,-middag, -avond, wat dan ook.
Gisteravond waren we naar het concert van een regionale band met als extraatje een optreden van lokale artiesten.
Het was een prima band, de muziek klonk goed, de optredens waren leuk, temeer omdat je de artiesten kent. Het swingde, de stemming zat erin, het was beregezellig.
Jammer was dat halverwege de avond mijn halsketting opeens brak. Niet zo erg als mijn trouwring er niet aan zou hangen, die was meteen foetsie. Enfin, ik gaf het verlies op aan de balie en ze beloofden er bij het poetsen naar uit te kijken.
Het leek een keerpunt. Toeval waarschijnlijk.
Ik kreeg het koud, de koffie smaakte niet meer, muziek en zang ging langs me heen, verdoofden me en ik applaudisseerde mee om me groot te houden. Ik hield het vol tot het einde, (ongeveer 23 uur) en overleefde het autoritje naar huis. Daar viel ik op de bank in slaap met jas en al.
Vannacht werd ik wakker. Nog steeds bibberig koud. Paracetamol hielp me naar bed en opnieuw in slaap tot vanmorgen, daarna tot vanmiddag tot iemand me wakker belde dat de ring gevonden was. Halleluja.
Je snapt het: de vorige verkoudheid kwam terug. Denk ik. Je snapt de brutaliteit niet, iemand ongevraagd overvallen, zoiets dóé je toch niet?
Hoe dan ook. Straks duik ik weer onder het dekbed.
Morgen ga ik alle berichten bekijken, reageer en hoop te zijn opgeknapt.
Tot dan.
==

Het….

– Het hangt op de bank en het lacht. Rare geluiden knorren uit de keel, ze overstemmen het gehijg.
Plots vliegt het overeind, een hoestbui verscheurt de droom.
– Het staat in de keuken en niest. Hartgrondig, dat het middenrif pijn doet en de tissues drie maten te klein zijn.
– Het zit aan de laptop en traant. Bril op, bril af, het zicht blijft wazig.

U begrijpt: ik ben verkouden en niet zo’n beetje.
Gisteravond kreeg ik plots een kuchje, zo’n licht dingetje met een piep, vanmorgen was ik al bijna een patiënt en nu helemaal.
De thee met honing komt me de neus uit. In andere vorm.
De toco-tholin helpt een beetje voor de keel en de honingdrop maakt alleen maar misselijk. Het moet gewoon uitzieken, ik verwacht niet dat het lang gaat duren. Ik jammer gauw maar mankeer zelden iets ernstigs.
Dus wacht ik.
Af en toe zit ik te ijlen boven de toetsen.Dat voel ik natuurlijk niet maar mocht U het merken, weet dan dat ik het niet zelf ben.
Of juist wel, dat begrijp ik niet zo goed want ziet U, ik ben zo verkouden dat……. enfin.
=