Heks zonder maan

‘Oeoeoewaaahhh’, gaapt de heks, ‘ik verveel me suf. Hoe laat is het eigenlijk? Wat, al negen uur? Tijd voor een maanrit.’
Ze maakt er werk van; een lange rok van Vic en Rol , de puntste hoed, een  geurige shot Soir de  Magique  achter de oren -je weet maar nooit wie je tegenkomt-  en  daarmee is ze reisvaardig.
‘Ben je er klaar voor Zwarte?’ Kat knikt.
‘En jij, Kraskop?’ Kraai blijft liever thuis om naar  Vreemde Vogels te luisteren.
Ze zet de bezem klaar, een supermoderne vliegbezem, aëro-dynamisch met aangespitste punt en voorzien van ipad,  iped, ipid, ipod en ipud plus automatisch regenscherm dat zich bij de eerste druppel uitvouwt.
Slechts een magisch password is nodig.
Ze schieten de lucht in.  ‘Hoeiii,’ roepen  ze samen, ‘here we góóó…’.
Hè, heerlijk, denkt ze. Die vrijheid  is nergens mee te vergelijken.  Ze zwaait naar een verlate mus, duikt een cumulusje in.
‘Naar de maan,’ gillen ze.
Dat is een avontuurlijk spelletje, rakelings langs  zijn lichtbol te scheren,  zwaaiend en  kakelend naar de bangerikken op aarde.
Maar, hééé, wat…
Geen maan vandaag? Donkerte is alles wat ze ziet.
‘Wariauw?’   Ook verbaast Kat  zich.
Is het klimaat nu al aan het veranderen? Wacht, dat is natuurlijk een zwart gat, oppassen dat we er niet in donderen.
Ze stuurt de bezem rondom de donkerte, zorgvuldig wegblijvend van de rand.
Het verveelt al gauw.
Is dit alles? Da’s ook niet veel. Mompelend.
Teleurgesteld vliegen ze naar huis.
‘Dat is snel,’    kraakt Kraskop wanneer ze binnenstappen.
‘Er was niks an; een groot zwart gat en volgens mij zit de maan er al in, ik zag hem nergens.’
‘Ach wat, volgende keer beter.’
Ze stalt de bezem, Zwarte  drapeert zich op de bank.
‘Zullen we dan maar een frietje bakken jongens?  Een glaasje  spinnenport erbij?’
Dat doen ze
==

Advertenties

De bloedeloze

De echte rode maan was er wel, ik heb hem ook gefotografeerd.
Maar ja, de camera en ik…
Vanmorgen zag ik plaatjes die heel wat mooier waren dus gooide ik die van mij weg.
Omdat dit te voorspellen was heb ik de maan van gisteravond opgenomen, hij gaf zoveel licht dat het opviel ondanks de bewolking die half voor zijn neus hing.
En kijk.
Foute belichting, verkeerde sluitertijd en meer van dat, alles werkte mee om er iets bijzonders van te maken. Hij lijkt nu op reflecterend water in een diepe put.
Waar vind je zoiets? In ons achtertuintje.
Mijn eigen maanmodel. ♥

Duistere maan

Morgenavond gaan we kijken naar de maansverduistering
Met deze temperaturen proef je haast de romantiek.
Hand in hand, nog rozig van de zon, staren in langzaam strijkend licht naar donker, donkerder, zij wordt bang, hij beschermt haar tegen draken, gluurders en andere vreemde vogels. Een bouquetroman.
Vroeger had je iets dergelijks op ouderwetse dansfeestjes waar plotseling omgeroepen werd: ‘Vijf minuten voor de jongelui’ en dan ging het licht uit, niet te lang natuurlijk. Bij gebrek aan een stakende maan.
Het was vooral leuk voor veertienjarigen en ouwe graaiers.
Bij de verduistering hoop ik verhevener gedachten te krijgen.
Over zijn invloeden op de aarde en op de mens en hoeveel licht en warmte hij geeft enne, die dingen.
We zullen zien.

Allemaal de maanbril klaar?

Zelf houd ik het bij een leesbril. Als ik daarmee medicijnbijsluiters kan lezen krijg ik de maan ook wel in het vizier.
Beetje lang opblijven of de wekker zetten: ongeveer kwart voor één is hij op zijn donkerst, al zal het deze keer om een andere kleur gaan.  Dat komt door een planeet en sneeuw, het halve luchtruim schijnt er aan mee te doen.
Misschien een idee om er een duister verhaal bij te schrijven? Met een lichtgevend potlood?
Je kunt ook een speciale dans doen,  een donkerrode tango lijkt me wel wat. Natuurlijk in het zicht van die vreemde maan, voor de romantiek. Of rimmetiek als je pech hebt.
Huilende honden binnenhouden is aan te raden.
Tip:
bak er een paar kroketten bij om in de stemming te komen en warm te blijven.
En wie dit allemaal niets vindt? Die blijft binnen. Gewoon.

LunaLina


Weemoedig kijkt Lina naar Aarde.
Het schijnsel van de grote bol intrigeert haar. Het zijn verhalen van de ouden, waarvan de impact groter is dan waarschijnlijk de bedoeling was.
Ademloos luistert ze  naar herinneringen die worden opgehaald, over eindeloze dance-events met superDJ’s,  hot games  en smartphones,  scholen die spelenderwijs lesgaven via levendige schermen,  strandfeesten in Maanlicht en wild trips met vergezichten die niet onderdeden voor reality-clips.  Fantastische blingbling.
Zelfs het vervolg,  dat het Aardse geluk een zeepbel bleek en poenige providers en incompetente regeringen de boel in elkaar lieten donderen en de mensen gedesillusioneerd achterlieten, ook dat vindt ze romantisch. Ten onder gaan met een geliefde,  samen,  in flitslichten en dancings en games, moet super zijn.
De avondklok luidt en ze zucht.
Nog één maal kijkt ze naar de hemel, dan draait ze om en gaat naar huis.

Een oud plannetje duikt op. Als ze zich in een van de pendelboten weet te verbergen,  in een voorraadruim waar de juiste pakken en zuurstofvoorzieningen zijn opgeslagen, wat kan haar dan gebeuren?  Ze zullen haar heus niet overboord gooien als ze ontdekt wordt.
Ze verkent de starthaven en dubt. De New Age? Of de Old Mac? Ze denkt even en besluit te gaan.
De Old Mac vertrekt als eerste. Gehuld in een bijna onzichtbaarmakend  fiberpakje weet ze zich naar  binnen te smokkelen en te verstoppen in een ruimtepak.
Bijna stikkend van spanning doorloopt ze de fases van start, reis en landing; daarna luistert ze naar wegstervende geluiden en durft te voorschijn te komen.
Steels zoekt ze de uitgang en lift naar beneden.
Yes! Ze staat op Aardse bodem.

Er is niets greats aan.
Ze begeeft zich verderop  waar ze een stad ziet. Ook daar geen blits, geen lights, geen music. Hier en daar een paar mismoedige figuren die somber voor zich uit staren. Ze zien er chagrijnig uit. Een vrouw klampt haar aan en vraagt wanhopig: ‘Kom je van Maan? Hebben ze daar al verbinding? Please…’
Lina vlucht, ze wil niet geloven dat het zo erg is en zoekt andere straten maar overal vindt ze dezelfde troosteloze mensen die hun ziel en zaligheid verloren in de ether.
Ze begrijpt nu wat de ouden bedoelen met desillusie.
Ze is blij dat ze geen geliefde heeft om mee ten onder te nemen.

Stilletjes kruipt ze terug in haar verstekelingenplek en reist naar huis.
Daar staart ze weer naar Aarde,  met een wetende blik.
Nu staat ze met beide benen op de maan.

© Bertie

Bamaan


Vorige week was het zomers.
Een beetje te vroeg; we verbazen ons nergens meer over, we accepteren en profiteren slechts van de mooie kanten.  Het klimaat is nu eenmaal in beweging en dat is altijd zo geweest.
Maar wat we nu in de lucht zagen was nieuw voor ons: zelfs de maan past zich aan.
Heeft natuurlijk met de tijd mee willen gaan, ik snap dat wel, en de vorm aangenomen die het beste bij hem past, heel logisch.  Hoe hij het oplost met hongerige engelen is de vraag; wij merken het vanzelf als er alleen een schil aan de hemel staat. Daar kan niemand over uitglijden, dat is alvast een positief punt.
Alleen het licht zal verdwijnen en daarmee de romantiek. Dat is jammer maar och, we troosten ons met een bananensmoothie.

Het wachten is op een coole zon al lijkt me dat tegenstrijdig. Hij zal moeten zoeken naar  een moderner bijwoord.