Wild kamperen,

dat lijkt me zo fantastisch.

Ruwweg de tent ergens neergooien, hier en daar een haring de grond in jenzen en kamperen maar. Niet op te hoeven letten of er kleden recht liggen en kopjes op tijd klaar staan;  slaapzak de hoek in, muziek zo hard als je zelf wilt, eten en drinken uit papier en blik.  Eieren bakken als je trek hebt, al is het midden in de nacht.  Restjes voeren aan loslopende koeien.

Scheur in het zeil betekent frisse lucht.  Vuile voeten buitenboord steken als het regent.
Ik droomde er wel eens van.
Maar vond nooit een stukje grond dat er geschikt voor was.

Advertenties