Schapen scheren…


…het is er de tijd voor.
Als kinderen keken we elk jaar.  Het was geen muzikaal evenement, het gebeurde gewoon bij een buurboer. Langs de straat was een weitje waarin de beesten ont-manteld werden.
Wat we er zo mooi aan vonden weet ik nog steeds niet, eigenlijk was het een beetje zielig maar, zei mijn vader, de scheerder stond bekend om zijn handigheid en de schapen waren blij van hun vacht af te zijn. Dat troostte.
Op de feestelijke scheersessis van nu gaat het ongeveer hetzelfde maar dan met muziek en publiek, braderietje en dergelijke.
Daar hielden we niet zo van.

Een jaar of 7 geleden fietsten echtgenoot en ik een stille route door het achterland tot we ineens een bekend geluid hoorden: gegier en gemekker, iemand was schapen aan het scheren.
Nieuwsgierig stapten we af, een praatje met een boer was altijd gezellig.
Daar kwamen we deze keer rap van terug, ziende hoe de man te keer ging met de stomme dieren. Lomp werden ze heen en weer gegooid, het scheerapparaat leek een wapen. Hij keek op, zei niets, gooide een nieuw slachtoffer onder zijn knie.
Nu zijn we wel wat gewend op het platteland, we waren echt geen kleinzerige en jammerende buitenstaanders. We weten dat schapen geen kleinemeisjespoppen zijn.
Maar dit.  De geschorenen waren stuk voor stuk flink bezeerd.
‘Alles bloedt,’ riep echtgenoot. Hij wist dat het er, buiten het zicht, niet altijd zo zachtjes aan toe ging maar ergerde zich evengoed. ‘Dit is niet nodig.’
De man ging stug door.
Wij zijn opgestapt.

Vanaf die tijd juich ik het feestelijke scheren toe.
In het openbaar is tenminste toezicht, alle kijkers leven met de schapen mee.

Advertenties

Een soort migraine..

…waarvan ik nog nooit had gehoord.
Toen ik het voor het eerst meemaakte (ongeveer 25 jr geleden) wist ik niet wat me overkwam.
Het was een vrij heftige aanval, zonder hoofdpijn maar het zicht was ellendig. Alsof je een tekst in stukken knipt en de delen verschuift. Vlekkerig en met flitsen.
In plaats van hoofdpijn was er een unheimisch gevoel, zweverig en naar. Beetje beangstigend. Misschien een tia?
Ik ga dood, was mijn gedachte, ik ga alvast op de bank liggen.
Dat hielp. Het zakte na een paar uur en ik ging verder met de dag.

Ik dubte. Echtgenoot inlichten? Die zou me subiet naar de eerste hulp brengen en onderzoeken eisen. Gedoe.
Dus zei ik niets.
Na een paar aanvallen ging het over, mijn angst verdween en ik vergat het.
Later bleek ik glaucoom te hebben, de herinering kwam terug en ik vroeg de oogarts of het daarmee te maken had.
Ze kende het verschijnsel en noemde het oogmigraine, het had niets met glaucoom of staar te maken.
Iets voor een neuroloog?
Dat wist ze niet. Of wilde het niet zeggen.
Toen ik het thuis alsnog vermeldde maakte ik er een kleinigheidje van, het was toch al voorbij.
Hoe dan ook, ik was het opnieuw vergeten tot ik vanmiddag een mini-aanvalletje kreeg. Niets ernstigs, na een halfuurtje achterover hangen was het weg.
Een mens loopt soms rare dingen op.

Lof voor Brussel

Oergezellige dag, gisteren.
Met de auto naar de bus, net de bus naar Brussel. Toch gauw 2 à 3 uur rijden, waarvan een groot deel in de stad zelf. Het was ontzettend druk en een gezoek naar parkeerplaatsen
Maar een mooie stad, dat was ik vergeten.
Lang geleden waren we er ook. Deze keer zag ik veel imposante moderne gebouwen (EU), een opvallende combinatie met de oude bekenden. Paleizen, kerken, musea, pleinen, teveel om op te noemen. Helaas niet geschikt om te fotograferen anders dan in details. Een groot bouwsel krijg je nooit in zijn geheel, daarom zijn de plaatjes van Pixabay.
We konden niet alles bekijken.
We hadden maar één middag en moesten ook nog eten, koffiedrinken en, uiteraard, shoppen.
Van een uitgebreide maaltijd kwam niet meer terecht dan een hap bij de chinees en een bak sla, iemand voedde zich met versierde wafels (gruwelijk, banaan of aardbeien overgoten met chocolade. Je rook de zoetigheid drie straten verderop. Toegegeven, ik ben een wafelbarbaar).
Manneke Pis hebben we overgeslagen, bang dat het daar nog drukker zou zijn. De musici waren heel wat aantrekkelijker. Violen, accordeons, panfluit, drums, mooier dan de (gelukkig weinige) bedelaars en de vrouw die met een kindje op de arm en een geldbekerttje in andere hand voor ons kwam staan, dwingend. We gaven niets, ze liep gepikeerd verder. Misschien zagen we er uit als de provincialen die we zijn en verwachtte ze een grote tip.
Op het eind van de dag was de bus zoek, of ons groepje, daar wil ik van af wezen. Het werd na een half uur opgelost en dat was maar goed ook, ik sliep staande.

Vanmorgen uitslapen, de aanwinsten bekijken en verder slapen. Zoals bekend is een dagje slenteren veel vermoeiender dan gewoon werken of sporten of fietsen of wandelen.
Nu ga ik aan de opgelopen lijst mails en meldingen.
Als ik tenminste niet nogmaals in slaap val.

Klein kleiner kleinst

Jasje. Haartjes. Kammetje. Mammie. Poesje. Broekje. Kousje.
Voor kleine kinderen gebruik je kleine woorden, begrijpelijk.
Je kunt ook overdrijven.
Toen ik de oudste voor het eerst naar de kleuterschool bracht wist ik niet wat ik hoorde:
‘Aan dit haakje mag je je jasje ophangen en je tasje, daar zet je je schoentjes neer , hier mag je je handjes wassen,dit is je stoeltje…. enzovoorts.’
Deze manier van spreken werd doorlopend gebruikt, de kleuterleidsters zelf leken er niet eens erg in te hebben: kleurpotloodje, schaartje, blokjes, popjes, autootje, paardje, kraantje.
Ik zag dat niet alle ouders het op prijs stelden, anderen vonden het juist schattig.
Tja.
Heel soms hoor ik een moedertje nog op deze manier praten tegen haar kindje.
Dat voert me weer terug naar het kleuterschooltje,
En herinnert me aan het kind dat zijn moeder vroeg om een handdoekje.  Ze was het gemelk spuugzat en antwoordde met ‘dat noemen we een HANDDOEK’.
Ook in ons eigen gezin kwam iets dergelijks voor. We hoopten dat het vanzelf overging en dat was ook zo.
Godje zij dank.

Oud en wijs genoeg? Vergeet het maar.

‘Wat  moest ik ook alweer doen in de keuken?  Uhm… o ja, de koffiemelk pakken.’
‘Ik weet toch zéker dat ik hier die sleutels heb neergelegd.
‘Ga ik voor brood naar de winkel, vergeet ik het alsnog.’

Van die dingen. Niet dagelijks maar het wringt.
Was ik blij dat ik bij het volwassen worden eindelijk niet meer die doos-zonder-deksel was (mijn moeders woorden), ga ik nu weer terug in de tijd.
Om bang van te worden.
Het is dat ik veel mensen ken die hetzelfde meemaken en toch gezond ouder worden, anders zou ik ernstig denken aan een naargeestige nabije toekomst: een reisje back to basic.
Dementie.
Het is een schrikbeeld. Het kost me moeite om niet iedere kleinigheid te interpreteren als een aanwijzing in de trant van ‘Zie je wel? Daar heb je het al.’ Daarom houd ik me voor dat het logisch is.  Alles slijt, het geheugen ook. Je kunt minder onthouden.
Daar klamp ik me stevig aan vast.
Aan dit, eh, aan wat ook alweer??

Nieuwtjes En Primeurs


Update:  De titel zei alles: Nieuwtjes En Primeurs

– Weblogaanbieders geven het niet graag toe maar ze zitten behoorlijk in hun maag met de overdaad aan bloggers. In plaats van de te verwachte afname neemt het aantal alleen maar toe waardoor de providers danig in de financiele problemen komen. ‘Kosten en baten komen te weinig overeen,’ verklapte een medewerker die anoniem wil blijven, hij voorziet een einde aan de gratis weblogs.

– Uit opgravingen in de Noordzee, ongeveer tien kilometer uit de kust ter hoogte van IJmuiden, blijkt dat er niet alleen ooit menselijk bewoning was maar ook zijn speelgoed en -vermoedelijk- spelattributen gevonden. Een kleine stenen paardachtige op een piepklein standaardje doet sterk denken aan een voorloper van het schaakspel. Frappant is ook een aandoenlijk meisjesfiguurtje, waarschijnlijk een pop, met de woorden ta-ta in het buikje gekerfd.  Men denkt aan een primitief mamawoord.
De archeologen waren ontroerd.

– De bekende actrice/presentatrice P. heeft een maagversteviging laten doen. Het gaat om een extra mantel van lichaamsvriendelijk materiaal dat zoveel mogelijk het vet opslaat.
Nu kan ik lekker eten zoveel ik wil en zit alle vet op één plek. Liever dat dan dat ik dikke benen krijg,’ luidde haar verklaring.
Typisch P, altijd haar eigenzinnige gang gaand.

Soms weet je echt niet wat je leest….

Toen een huisvrouw het nog druk had

‘Opzijopzijopzij…’
Dit wordt niet hardop gezegd maar de boodschap komt over: zij heeft haast.
Zodra ze de supermarktdeur binnenvalt vliegen aanwezige klanten naar de zijpaden.
Sommige nemen geen risico en sluiten zich aan bij de manager die zich verschanst achter de breedste van de vakkenvullers.
Men kent haar.
In haar huis gaat het op eendere wijze.
Als een wervelstorm sleurt ze de gezinsleden uit bed, drukt hen het ontbijt door de keel en duwt ze de deur uit.
Opruimende werpt ze af en toe een hap brood naar binnen en voert kat, cavia, parkiet en hond.
Ziezo, denkt ze na het volgooien van de vaatwasser, dat is gebeurd. Wat moet er nog meer gebeuren; stofzuigen, dat is wel nodig of neem ik eerst de ramen? En dat boek moet ook nog uit, als ik het op de aanrecht leg kan ik tegelijkertijd lezen en de aardappelen schillen.
Het lukt.  Het kost wat pleisters maar het gaat heel goed; weet je wat, denkt ze, ik snij meteen de andijvie. Het grote mes zoeken, de plank, de krop er op. Onderwijl leest ze met één oog  verder.
Oei, au…  trillend reikt ze naar de handdoek om nieuw bloed te stelpen. Verdorie, was daar bijna het boek bevlekt,  het is nog wel van de bibliotheek.
Voorzichtig kijkt ze onder de handdoek. En schrikt van de jaap in haar linkerduim, nog net niet tot het bot.
Vlug onder koud water,  tjess, pijnlijk.
Met veel gehannes maakt ze een noodverband van zakdoeken en pleisters.
Hè, ze is er misselijk van, draaierig hangt ze voorover. De kat kijkt stoicijns naar haar, de hond jankt meelevend maar niet verbaasd.
Haar verstand krijgt de overhand. Eindelijk.
Ze kruipt op de bank en rust, al lezende,  tot het kloppen in de duim afneemt.
Dan gaat ze rechtop zitten, gaapt en rekt, controleert het noodverband en ijlt  naar de stofzuiger, pakt onderweg de plumeau,  neemt de rinkelende telefoon op……

Dit stukje is ongeveer acht jaar oud, door een haastklusje vanmorgen dacht ik eraan terug. Het was niet eens zo erg overdreven.

Het gaat vriezen en dan echt

Pas op, aanstaand weekend arriveert de vorst. Houd hem zoveel mogelijk buiten voor je tenen eraf vriezen.
Ik dacht terug aan het eerste jaar van ons trouwen.
Het werd winter en koud.  Door de simpele manier van verwarmen voelde het kouder aan dan we nu ervaren maar het was niet echt een probleem,  we hadden een kachel en elkaar.
Die kachel echter, een kolenhaard, stond in de huiskamer.
De rest van de woning was onverwarmd, alleen in de douchecel hing een elektrisch wandkacheltje.
In de slaapkamer was het stervenskoud, de lakens en kussens voelden aan als ijsplaten; in bed stappen stond gelijk aan een duik in de Poolzee en aan kruiken dachten we niet. We dachten eigenlijk nergens aan behalve aan ons tweetjes.
Alleen die koude slaapkamer viel tegen.
Het beste was om de ander het eerst te naar boven te laten gaan zodat je in een voorverwarmd bed kwam.
Zodoende hadden we iedere avond het voorrangprobleem:
‘Ga jij maar vast naar bed, ik kom zo.’
‘Nee hoor, ik wacht wel.’
En ritsen was geen optie.