Tricolore

Nostalgie kan je geheugen behoorlijk parten spelen.
Feiten worden mooier gemaakt, gebeurtenissen overdreven, iedereen herkent dat.
Toch herinnerde ik me een plant met verschillende bloemen uit één stam.
Na wat zoekwerk vond ik de foto terug.
En geloof het nu zelf ook niet meer.

Advertenties

Zoveel energie en dat met die warmte

Alles in de tuin groeit zo hard, ik ben al buiten adem als ik het spul groter zie worden. Knoppen en ranken komen me tegemoet en wuiven bij het passeren. Dan hijg ik een knikje terug.
Maar mooi is het.
De campanula is in opmars voor de jaarlijkse verblauwing.
Een grote klaproos sterft af, hij moest zo nodig de eerste zijn.
Een druiventak reikt zo ver mogelijk, hij zwaait met lange halen.
In de varen kan ik straks wonen.
Uit de kunstgrasmat komt niets, je zou iets cultureels verwachten, een schilderskwast desnoods maar het laat slechts dunne halmen door.
Van het theekopje valt niets te zeggen. Het hangt.
Wat met de overige planten? Die groeien me zowat boven het hoofd, nog een geluk dat de stoep niet leeft, stel je voor dat de tegels knoppen kregen, hoe zou je die moeten verzorgen?

Net was er een onweers-hoosbui die de laatste blaadjes van de klaproos vernielde, ocharme, maar ja, dat is des klaproos’. De rest is er juist van opgefrist en schiet nu nog sneller omhoog, ik zag zojuist twee klimoptakken een wedstrijdje houden: wie zich het eerst om de waslijn krulde. Enig, het enthousiasme van dat jonge spul.
De spiegels doen niet aan groot worden en waarom zouden ze ook, ze zijn mooi genoeg.
Ze staren eindeloos in het vijvertje, wachtend op, nee, niet op narcissen.
Dat vinden ze te geijkt, te ijdeltuiten.
Trouwens, Godot laat zich ook niet zien.

Net mensen


Deze zonnebloem staat met zijn hoofd boven de schutting en richt zich op de buren. Nieuwsgierig volgt hij hun leven, waarom eigenlijk? Dat weet hij zelf niet.
Wil ìk zijn aandacht dan dien ik te wachten tot halverwege de middag, tot de zon gedraaid is en  hij zich naar onze achterdeur keert. Denkt zeker dat ik eindeloos zit te wachten tot hij me ziet.
De verbeelding van grote bloemen is gewoon bespottelijk.

 

 

 

 

 

De sedum is anders, bescheidener.
Steekt rustig zijn kop uit de grond en groeit op elke plek, zonnig of niet, nat of droog, met of zonder dorre blaadjes, hij staat bescheiden te wezen in al zijn fletse rozerood.
Dat hij, van bovenaf gezien, op rauwe gehakt lijkt is grappig maar het kan hem niets schelen. Zei hij. ‘Ik ben vegetariër.’

Zonnebloem en regen

Regen was hard nodig, zie het hoog opschietend groen. Als je er langs loopt hoor je rondom de zuchten van genot. Aaaahh, slurpslurp.
Zelfs de zonnebloem heft het hoofd om alle druppels te vangen: alsjeblieft, nu even geen zon.
Het is ook mogelijk dat hij rondkijkt en zijn familie zoekt, hij is de enige die uitgekomen is. De rest houdt zich gedeisd.
De suikergoedjes, volgend jaar zal ik een parapluplant naast ze zetten.

Vanavond, buiten


De wereld is verstild.
Vogel noch kat laat zich zien, bomen waaien onzichtbaar met geluidloze bladeren.
Schemer gaat over in duister waarin ik poëtische woorden uitprobeer om deze zomeravond te vangen maar ze blijven haken bij gebrek aan dichterlijk gevoel.
Ahum.  Gegeneerd kijk ik rond of iemand deze gedachten hoorde.
Er is niemand.
Niemand?
Toch wel, een kleine zonnebloem kijkt op, verbaasd staart ze naar de lens:  De zon?  Zo laat nog?

Nachtschone

nachtschone 16Belle de nuit. Zo genoemd omdat ze zich ’s nachts opent.

Hierdoor en mede door de geur van foute zeep heeft ze een ouderwetse bijnaam in meervoud: hoeren. Klinkt niet vriendelijk maar hebben bloemen een keus?
Het maakt mij niets uit wat ze in het donker uitvoeren, ik vind het gewoon knappe bloemen die bereid zijn overal te groeien. In zon, schaduw, regen, droogte, elke grondsoort.
Zulke vrije vrouwen wilde ik graag binnen hebben; ik knipte een paar takken af en zette ze in een vaas.  Benieuwd of ze zich  in de huiskamer ook zo welig toonden.
Tegen middernacht wachtte ik in spanning, ogen en neusgaten wijdopen.
Het viel tegen; slechts enkele bloemen lieten zich zien, flauw geurend.  Ik bootste de nacht na en draaide alle lampen uit.Het hielp niet.
Nu weet ik niet wat ik met ze aan moet. Weggooien? Laten verpieteren? Met vaas en al buiten zetten?
Ik weet het niet en laat ze staan.