Kleinigheidjes  die je bijblijven.

In een roman worden kinderen van seizoensarbeiders opgevangen door liefdadige dames. Een van hen houdt de wacht bij de toiletten, een rol wcpapier in haar hand, de kinderen mogen maar één keer doortrekken en voor een grote boodschap krijgen ze één dun velletje papier.
Iemand trok schele ogen naar me toen ik op kleuterschool zat. Ik werd daar zo bang van dat ik bleef huilen. Ze noemde me een jankerd.
Eens had ik een stuiver en een dubbeltje die ik mocht versnoepen.
Om ze te bewaren (ik had geen zakken) stopte ik ze onder mijn tong. Nooit meer teruggevonden.
In de trein van Nijmegen naar Cuijk zaten broer en ik tegenover een dronken man. Hij  zong aldoor:  ‘Heute blau, morgen blau, immer blau…’  Gelukkig een korte rit, we kregen teveel buikpijn van het lachen.
 In een film kwam een scène voor waarin een witte vrouw  een zwarte  man niet durfde aan te raken.
In een andere film kon een meisje geen keuzes maken, ze vergeleek zelfs de snoepjes voor ze ze opat.

Enzovoorts.
bertje20220514_205651 - kopie (4) - kopie
Sommige onderwerp maken indruk, andere raken je niet.
==