Vrouw? man?

Door de ontwikkelingen betr. transgenders kwam een herinnering boven van jaren her.
Over een vrouw die ik van nabij kende en me intrigeerde.
Op het oog een gewone vrouw, tamelijk knap, aardig figuur, aantrekkelijk.
Naar er was iets, in haar gedrag, manier van spreken en bewegen, iets ongrijpbaars. Je kon er de vinger niet op leggen. Niet vreemd of onwijs, ze was anders.
Meer en meer deed ze me aan een man denken.
Toen ik haar beter leerde kennen merkte ik het duidelijker.
Haar schoolrapport vertelde een opvallend exact verhaal, het zegt niet alles maar versterkte natuurlijk mijn  idee. Ook haar cynische kijk op andere vrouwen.
Ze was niet lesbisch.
Het waren haar opvattingen en de uitleg daarvan, of je een man hoorde praten. Haar denkwijze.
Ze  trouwde, kreeg kinderen, was zichtbaar ongelukkig, overleed vrij jong.
Na haar dood sprak ik haar familie.
We roemden haar kwaliteiten maar dat ze nooit echt blij was.
‘Ze was een man,’ zei iemand, ‘een man in een vrouwenlijf.  Doodzielig.’
==