taal

Dialectfreaks

Mooi, die anjers.
   – Dat zijn fletten.
Huh?
   –  Zo heetten ze vroeger  maar dat weet jij natuurlijk niet.
Mompelend er achteraan: – Die flauwe frollie tegenwoordig.
Ze stond op haar eigen woordgebruik.
Luiers was flauwekul voor ‘doeken’.
 – Menstruatie heette eigenlijk ‘de regels’.  Prima  hoor maar een buitenstaander begreep niet alles.

In eigen kring hadden we ook zo iemand, die sprak plat Zaans alsof hij er een hoofdprijs mee had gewonnen.
Hij promootte zijn taal en gebruikte woorden die al lang verjaard waren  (stienen en bienen, peerd en gait), een keer nam hij de telefoon op met: ‘Ja met main’, ik viel stil van verbazing.
Het lijkt grappig, toch kon ik het maar matig waarderen.  Dialecten zijn voor thuisgebruik en carnaval, een nietkenner mag ook wat zeggen.
Streng? Misschien.
Ik verwacht dat mensen, naast hun dialect, ook de nationale taal spreken. Maar ik moet toegeven dat dat lastig wordt wanneer je elke dag alleen je huistaal hoort en vroeger was dat vaak het geval.
En heel eerlijk gezegd, zelf spreek ik ook niet altijd correct. Shame en bloos
===