Koud

Het is stil in de kamer. De laptop suist zacht, in duet met gespetter van de kaars die bij tochtvlagen flakkert. Aardig beginnetje, beetje tè?
De tocht is vervelend en ik trek een vest aan.
Ik zit aan de toetsen en tik. Mijn brein doet zijn best, de combinatie van suizel en vlam stuurt me richting romantiek.
Hm. Hoe valt dat te rijmen met een rillerige rug en kriebelkeel, voor romantiek helpt warmte beter. Ik zoek sokken.
Enkele vernieuwende ideeën dienen zich aan.
Het zijn er niet veel en ze  laten zich met moeite vangen.
Verdorie, ik had me verheugd op een nieuw verhaal, dacht dat ik er van zou opknappen.
Eerder krijg ik het kouder en ga op zoek. Alle ramen zijn dicht, themostaat staat op 22 graden, te hoog maar ik ril nog steeds. Het is duidelijk dat ik niet in orde ben, zelfs mijn voeten worden niet warm.
Enfin, nog even doorbijten.
Het vest rits ik op tot de kin, trek de sokken hoog op en ga weer aan het bureau.
Geen goed idee. Ik zit en kijk en denk en weet niets.
Ook het kaarsengeflakker stoort me. Hoe kan dat eigenlijk? Met gesloten ramen?
Nogmaals de ronde doen en dan zie ik overgordijnen waaien. Nu weet ik waar de trek vandaan komt.
De tuindeuren erachter staan op een forse kier.
Had ik zelf gedaan, na het lappen niet goed afgesloten.
Ik vloek, door het gebibber niet zo hartgrondig als ik zou willen.
Er rest niets anders dan de laptop te sluiten.
Eerst warm worden.
==

Vreemd schouwspel

Wat ik nou weer tegenkwam.
Een hongerige vlo zat op een te magere kat en ging in drie sprongen via een lange hond naar een vet varken dat op een groot paard reed.
Een kip, gewend aan rennen, liep mee.
De bozige baas floot.
Het grote paard stopte abrupt, het vette varken rolde eraf en plette de lange hond en magere kat.
De hongerige vlo zette zich op de baas die hem doodsloeg.
De kippige kip rent nog steeds.

Als ik het niet zelf verzonnen had zou ik het nooit hebben geloofd.

Duistergedachte

Het regende vandaag, nogal veel.
Dat is niet erg, het wordt vanzelf weer droog.
Het waaide hard, lopend langs een groot gebouw kon ik me maar net staande houden.
Is ook niet erg, mocht ik opvliegen zou ik vanzelf weer landen.
Wie weet komt er sneeuw en ijzel en strenge vorst.
Zelfs dat is niet erg, de lucht schoont er van op en je kunt er uren naar kijken.

Maar die gadverdammese donkerte, het gemier bij slecht licht soms om drie uur al, de grauwigheid die je te vroeg de gordijnen doet sluiten, die je bij het wakker worden aangrijnst en pas om negen uur begint weg te trekken, die er wéken over doet voor je een paar minuten verlichting ziet, die nergens voor deugt en zich door honderd kaarsen niet laat verjagen,  die niets te maken heeft met gezellige schemering, die…..
Die haat ik.
==

Afrikaans groen


We staan er meestal niet bij stil dat de aarde meer inhoudt dan Europa, VS en klimaatperikelen. Af en toe komen China vsTrump voorbij, een overstromingsramp in Oost-Afrika, brandt Australië (alweer? nog steeds?).

Tussen het bekende nieuws viel dit berichtje  derde-van-afrikaanse-plantensoorten-bedreigd/   me op.
Tja, de natuur evolueert doorlopend, dat zal in Afrika niet anders zijn dan elders.  Maar een derde, dat is veel. Iets van de laatste jaren? Al langer aan de gang? Als leek snap je zo weinig.
Wat me inviel was de gedachte aan Nederlandse natuurliefhebbers die zich druk maken om in- en uitheemse bomen, planten en dieren.
Waarom eigenlijk? De eigen soorten bewaren voor het nageslacht? Ach…
En dan nog.
Mussen, tulpen en mais bijvoorbeeld  komen oorspronkelijk uit Turkije of het Midden-Oosten en gedijen hier niet slecht,  blijkbaar kan er ingebroken worden in biotopen maar ik geef onmiddellijk toe dat dit amateuristische ideeën  zijn.

Ik ben benieuwd hoe men over deze onderwerpen denkt in Afrika. Is het een gevolg van veranderend klimaat? Invloed van zon?
Je wordt er nieuwsgierig van.
==

Mist voorspeld


Dat het opletten is in het verkeer weet iedereen.
Waar we niet zo gauw bij stil staan is dat het ook in andere opzichten gevaarlijk is. Dat besefte ik toen ik verdwaalde op een weg van maar een paar kilometer.
De afstand was me overbekend want duizend keer befietst maar toen de mist ineens in een dikke wolk veranderde had ik  geen ander hulpmiddel dan de rand van het fietspad waardoor ik geen notie had waar ik me bevond. Niet alleen het zicht verdween, ook het geluid evenals tijd- en richtinggevoel.
Af en toe stopte ik om een idee te krijgen van de omgeving, durfde  nauwelijks een stap te verzetten door plotselinge opdoemende autolichten.
Het ergste was de opkomende gedachte aan de onopgeloste moord van een paar dagen geleden in een naburig dorp, het drong tot me door dat een onverlaat me makkelijk kon benaderen, niemand die het zou horen en zien.
Ik was panisch en zag mezelf gewurgd, gekeeld, onthoofd en leegbloedend naast mijn fiets liggen. Wat moet ik nou, huilde ik.
Ik durfde niet verder.
Toen trok de nevel langzaam op en herkende ik de weg weer.
Pffff.
Ik maak er grappen over maar feit is dat je in dikke mist volkomen onbeschermd bent, je wordt vermoord waar je bij staat.
Ga liever met de auto.  Beter: blijf lekker thuis. ==

Zo leerde je thuis

Een oud liedje, half gescheurd en verfomfaaid,  alleen de eerste regels. Ergens in een boek.  Het deed me meteen terugdenken aan de brugklas.
Het ging over een cowboy in Texas die geen Jippijee zong,  hij kon alleen jodelen. Een paar meisjes met een gitaar speelden en zongen het in de pauze.
Lachen, vonden we als 11- en 12-jarigen, dat was nog eens humor.
Ik kwam er mee thuis en zong het voor, al half wetend dat het niet in de smaak zou vallen bij mijn moeder. Zoiets voel je feilloos aan.
Ze lachte flauwtjes. ‘Mooi hoor. Leren jullie dat bij het vak muziek?’
Nou ja, wat snapte zij nou.

Helaas waren de anderen ook niet enthousiast.
Een broer lachte me uit, een zus te hard, een andere grijnsde alleen maar.
En ik begreep dat het simpele humor was, geschikt voor kleintjes zoals ikzelf.
Het was hard maar ja, zo ging dat, zo leerde je dat.

Maar toch, vergeleken bij de soldatenliedjes van broer en zijn vrienden, was het prachtig.
Die liedjes begreep ik dan ook niet.
==
King of the Road
Deze song heeft er niets mee te maken, het is gewoon mooi.
=

Lezen, ho maar.

Vandaag leesdag.  Inhaaldag, gister kwam er niets van.
Lekker, dacht ik, handenwrijvend leegde ik de keukentafel en spreidde de kranten breeduit. Koffie ernaast.
Net wilde ik beginnen toen ik het boek zag,  het keek me aan. Vooruit dan, nog één hoofdstuk.
Boek uit, koffie koud. Nieuwe gemaakt.
Kranten!
Er viel me iets in.
O ja, A. was jarig, meteen bellen voor ik het vergeet.
Gesprek afgelopen, nieuwe koffie.
Ziezo, nu aan de lees.
Telefoon…..
Enz.
En nu.
De kranten liggen nog op dezelfde plaats, opengevouwen op dezelfde pagina’s en ernaast staat een lege koffiemok met donkere kringen.
Zegt het stel dat net wegging:
‘Lees je de krant altijd zo langzaam? Ik heb hem meestal in een half uurtje uit.’
Ik zei niets, maar…
…. gelukkig ben ik niet gewelddadig.
==

.