Jolita, de koe die zich verveelde 7

Verrast hielden ze hun pas in.
Ivorine bleef halverwege een valse noot steken. ‘Hé,’ riep ze verheugd, ‘een zwembad, daar ga ik in spelen,’ ze holde naar de plas en liet zich er in vallen. Het viel vies tegen. ‘Ho, stop, brrr wat koud, ik wil eruit, mammieie…’
Ze probeerde tegen de oever op te krabbelen maar viel terug, ‘help dan toch..’
Claer knikte voldaan. ‘Laat haar maar even afkoelen, ik word gek van dat getoeter.’
‘Nou zeg,’ zei Jolita verontwaardigd, ‘zo’n klein meisje, jij bent er toch ook een geweest? Hup, trekken.’
Met tegenzin hielp Claer mee en samen trokken ze bibberend Ivorientje op het droge.
Jammerend zat het kind op het gras. ‘Ik wil naar hui-uis’ griende ze terwijl er snottebelletjes op de grond spatten.
‘Eerlijk gezegd valt het mij ook tegen,’ snibde Claer ‘straks zit ik weer met een nieuw ei en dan dat tetterbrok hier, daar word ik bloednerveus van. Oh, 2Macho,’ begon ze weer te rillen, ‘laat me je heerlijke kraaistem toch horen.’
Schor van verlangen probeerde ze hem te roepen maar haar kippestemmetje bracht het niet verder dan een krasserig kukeleku.
Bijna deed Ivorine de tweede stem maar ze hield zich in.
Jolita krabde zich achter de oren.
Er was inderdaad niets te vinden aan deze kant van de snelweg.
Maar wacht eens, ze hadden het water nog niet onderzocht.
‘Kom op,’ sprak ze bezwerend, ‘we gaan uitzoeken wat dit voor een geheimzinnige poel is. Oké?’
Met tegenzin kwamen de twee achter haar aan naar de oever, die steil was en met lang gras begroeid.
Het was geen sloot, geen beek of meer, slechts een plasje van hooguit drie of vier meter doorsnee.
Ze liepen er omheen maar er kwam geen einde aan. ‘Ik snap het niet, het lijkt wel of het meeloopt.’ Jolita stopte en keek om.
Claer en Ivorine stopten na een paar passen ook.
‘Het is een tovermeer, het is vast een sprookje,’ opgewonden hupte Ivorine op en neer.
‘Het is misschien een teken van 2Macho,’ hoopte Claer.
‘Hm, ik denk eerder dat het een waterzoeklicht is van een buitenaardse, het flakkert, kijk, nu is het blauw…’

© Bertjens