Stilte

Deze weblog houdt een paar rustdagen, misschien komt hij na het weekeinde weer op gang.   Tenminste, dat hoop ik.😕

Groet en tot blogs,  Bertie

Een hectische dag

Er kwam hulp voor allerlei dingetjes.
Vliering opgeruimd. (In ieder geval een begin gemaakt)
Wasmachine gerepareerd. (doet het bijna)
Achtertuintje geschoffeld.(in ieder geval…)
Maaltijd gekookt (alles opgegeten)
Nagepraat. (lang)
Uitgezwaaid.(kort, te koud in de voordeur)
We hadden teveel plannen, niet verstandig maar wel een onwijs leuke dag.
Dat heb je soms met getrouwde/uitwonende kinderen die een dagje over hebben.

ps
Reageren lukt niet overal, de verbinding stottert.
Hopelijk morgen beter.
Intussen zal ik hier en daar in de spamlijst staan. Sorry.

Spiegelen

In de nieuwsbrief Meertens Instituut    staat de rubriek vraag-van-de-maand
Daarin komen grappige maar ook interessante artikelen voorbij. Over het kinderspel knikkeren bijvoorbeeld, de Rattenvanger van Hamelen, uitleg van een spreuk, zwartwerken, enzovoorts.
Het onderwerp  waarom-pas-ik-mijn-tongval-aan-aan-die-van-mijn-gesprekspartner wat wij spiegelen noemen, is er een van.

U kent het vast wel, spiegelgedrag.
Het is bij veel mensen bekend hoe makkelijk het gaat: iemand -ongewild- napraten.
Zelf heb ik de grootste moeite niemand voor de gek te houden, dat wil ik niet. Toch zijn er een paar kennissen die ik liever  niet aan de telefoon krijg.
Iemand met een zangerig Zuid-Limburgs accent beantwoordde ik prompt met:  goedemòòòògge H.
Met een oude Zaankanter ging ik ook mee: Met main issut goed hooor,  en-mit-jouw?
Een man die licht stotterde durfde ik niet eens aan te horen en een exvrijer die loenste nam ik maar niet mee naar huis. Minstens één zus zou haar ogen verdraaien, niet eens met opzet.
Waarom doen we dat? We willen immers niemand kwetsen?
Mathilde Jansen zegt er dit over:
‘… over het algemeen passen taalgebruikers zich onbewust aan elkaar aan. Bijvoorbeeld in de uitspraak. Toen ik als geboren en getogen Texelaar in Nijmegen ging studeren, nam ik onbewust de daar gangbare zachte G over. Ik werd erop gewezen door een Texelse buschauffeur, toen ik een weekendje terugkwam naar mijn ouders.’
Zo kan het ook gebeuren dat je onbewust in een gesprek (aspecten van) een Amerikaans accent van iemand overneemt. Door te spiegelen stel je je gesprekspartner onbewust op zijn gemak. Eigenlijk zeg je ermee: wij zijn hetzelfde!’

Misschien heeft ze gelijk, ik weet het niet. Voor mijn gevoel benadruk je juist iemands anders-zijn op een onaardige manier al is dat niet de bedoeling. Wie zal gelijk hebben?
Meer uitleg is te vinden in het stukje over tongval.

Hemelse hemel?

In de hemel komt alles goed, werd ons verteld. Daarmee hield (en houdt) men gelovigen zoet en vooral volgzaam. Niets nieuws, deze chantage wordt in veel religies gebruikt.
Het heeft niet geholpen.
Van de katholieken is dat begrijpelijk, we leerden al jong alle zonden te biechten om met een schone ziel opnieuw te beginnen dus gingen we onbezorgd door met het snoepen uit de koektrommel. Stiekem uiteraard, wereldse straf woog zwaarder.
Nog afgezien daarvan leek die hemel me, kind zijnde, weinig attractief.
Wie wil er nou de godganselijke dag naar hemelse muziek luisteren terwijl er in snackbars volop bebopalula was te horen? Almaar bidden en god vereren? De wekelijkse hoogmisgezangen waren al beroerd genoeg.
Maar het ergste vond ik het idee dat we allemaal één grote gelukkige familie zouden zijn, als een liefdevol gezin, volgens de oude pastoor.
Met mijn ruziebroertje? Ik kon hem (toen) niet luchten.
Een paar buurkinderen die altijd knokten? No way!
Een hatelijke onderwijzeres, dat vreselijk mens? De gedachte deed me rillen.
Die jonge weduwe? Hoe zouden zij en haar man elkaar willen terugzien, vast niet als broer en zus.
Het idee stond me tegen temeer omdat je een geest was, lekker eten was er dus niet bij. Ja, een kind denkt logisch. Of simpel. Of juist pragmatisch.
Later las ik over het Walhalla, De Eeuwige Jachtvelden, het Elysium en meer hiernamaalsen.
Je kreeg ze nooit voor niets. De goden stelden eisen en weet je wat? Het waren gewoon de eisen die in een samenleving nodig zijn om de boel redelijk draaiende te houden.
Geven en nemen.
Zonder overspannen geloofswetten maar toen ik dat besefte was ik al lang kind af.

Excursie naar de hel. Verslag

Omdat een saaie hemel me niet aantrekt deed ik mee aan een reisje naar de hel, je kunt maar beter voorbereid zijn.
Welnu, het is daar ook niet alles.
Om te beginnen was de ontvangst naatje.
Een chagrijnige hamel gooide grommend de poort open en maakte ons wegwijs in de hoofdkuil. Toegegeven, een je-weet-wel-bok verdient begrip. Je vraagt je af waarvoor hij gestraft werd  maar hij liet niets los. Verdrongen verdriet, waarschijnlijk.

Het was er heet. Vreselijk heet. Geblakerde zielen verdeden hun tijd met ronddolen. Tussendoor veegden ze de vloer; her en der lagen hoopjes as, overblijfselen van de zwakkeren in deze samenleving.
Bij een kraampje bestelden we een glas fris.
Hadden ze niet, alleen kokende Seven Under en hotdogs met hot sambal. Nou ja zeg.
Gelukkig waren er een paar verdwaalde regenwolkjes, we wrongen ze uit boven elkaars mond. Ze smaakten bijna hemels, wat wil je ook in deze warmte.
In een theatertje werden spannende films aangeprezen: VERBODEN GENOT en DINGEN DIE U NOOIT DURFDE. Een paar van onze groep rende er verlekkerd op af.
Tja. Wie houdt van het eten met open mond, raspend geslurp, wildplassen en openlijk neusgebagger, die komt aan zijn/haar trekken. Evenals degenen die het doen met kikvorsen die nooit van adel blijken.  Mij kon het niet bekoren.
Na een korte bezichtiging in de slaapzalen (vuurkorven met sintelmatrassen en een pook om ze op te schudden) verscheen de baas van het spul.
The Big Mister Satan himself.
Een indrukwekkende verschijning van wie ik me kan voorstellen dat hij iemand op het verkeerde pad zou brengen, een hunk eersteklas. Het is maar goed dat ik hem niet kende toen ik jong was.
Enfin, we kregen een flirterige knipoog en warme poot en stapten in de shuttlebus.
Blij weer thuis te zijn? Ja, zeer zeker.
Het was een verhelderende reis maar we prefereren de aarde.
Voorlopig, in ieder geval.

Wakker liggen

 


De nacht is begonnen. Ik hoorde hem aankomen in het stikkedonker.
Hij controleert de Kleine Beer, knikt naar de maan en telt de sterren.
Hij zegt niets. Zwijgen is een van zijn eigenschappen, rust zijn beroemdste kenmerk.
Ik wacht tot hij vertrekt.
‘Goeiemorgen’, zeg ik dan, opgelucht.

Introvert

Wil je weten wat ik denk
ik ga het niet vertellen
gedachten zijn volmaakt privé
geen tweepersoonsmodellen

wil je weten wat ik voel
dat zul je nooit verkrijgen
emoties delen is een last
ik prefereer het zwijgen

wil je horen wat ik zing
ik neurie in gedachten
een wijsje, enkel voor mezelf
nooit zal ik ze verpachten

wil je weten wie ik ben
probeer maar niet te gissen
ik pas niet in de kadertjes
van jouw verbeeltenissen

© Bertie