Papier hier

Bergen werk heb ik verzet vanmiddag. Letterlijk.
Wat dan wel?
Ik heb de papieren uitgezocht en deze keer tot de laatste snipper in plaats van een paar briefjes heen en weer te schuiven. Een klusje dat zo vaak wordt uitgesteld dat het na een jaar (of 2 of 3) een groot karwei is.
Mijn eigen woorden indachtig -zadel je nabestaanden niet met rommel op- ben ik er aan begonnen.
Dat had heel wat voeten in aarde.
Eerst een wasje draaien. Boodschap doen. Paar meters wieden. Koken en opeten. Kop koffie maken.
Uitstelgedrag, koudwatervrees.
Ik zag er tegenop. Onbegrijpelijk, voor mijn trouwen was ik juist in mijn element als ik met papier kon spelen, op een kantoor waar ik werkte deed ik niets liever dan sorteren, zoeken en navragen waar een bepaalde brief was, systeem aanbrengen in onderwerpen.
Uiteindelijk ben ik begonnen en was na een kwartiertje weer terug in dat element.
Het waren echt torenhoge bergen, oude nota’s van jaren her, verlopen paspoorten en rijbewijzen (nostalgie), oude bankafschriften, papieren van overleden ouders, broer, dikke stapels schoolrapporten, opgezegde en herbegonnen loterijen, dito van extra tvzenders, herziene verzekeringen die je steevast in triplo bevestigd krijgt, ziekteperikelen van wijlen echtgenoot, en nog veel meer.
Echt, het opnoemen doet me al naar lucht happen.
Het ging vlot, tegen de avond was het klaar en de prullenbakken gevuld.
Brieven en rekeningen genummerd, op datum gelegd, een lust voor het oog. Ik durf haast te zeggen: nu kan ik het loodje  leggen.
Tevreden kijk ik naar de mappen, half zo dun en dubbel charmant.
Te mooi om weg te bergen dus laat ik de kast een tijdje openstaan.