Verliefde buurman 8

‘Slecht huwelijk, geen kinderen kunnen krijgen, barbie van buurmeisje ontvoeren, onder curatele gesteld bij een paar waardeloze hulpverleners, enfin, je snapt dat ze volledig doordraaide.’

‘O? Zo simpel ben ik toch niet? Maar goed, had ik al gezegd dat de kinderen de deur uit moeten? Voorstel van Len. Voor alle zekerheid en veiligheid. In eerste instantie wad ik het er mee eens, nu vraag ik me af of ik de kwestie Frank niet overdreven heb; mijn ergernis, Lens advies…’
‘Martje, je was behoorlijk geschrokken, dat is niet van een kleinigheidje. Frank is ver over de schreef gegaan, het zou me niet verbazen als hij strafbaar is.’
‘Kom nou, ik ga hem niet aanklagen. Hij is afgedropen en daarmee uit. Eigenlijk vind ik die Len veel enger, zo raar als ze keek.’
De bel ging. Willem sprong op en liet Olga binnen. ‘Hi lief, dat is gauw, ben je wat te weten gekomen?’
‘Voldoende. Luister Martje, misschien kun je de kinderen beter een paar weken uit logeren sturen, maak er eventueel een onverwachtse vakantie van. Frank moet je in de gaten houden. Hij heeft waarschijnlijk niets met Len te maken hoor; verliefde mensen zijn nu eenmaal onberekenbaar. Hij aast op jou maar voor hetzelfde geld haalt hij je kinderen van school. En…’
‘Gadverdamme, ik zit net te vertellen dat het me zo overtrokken lijkt. Zou hij echt zo ver gaan? En waar moeten ze naar toe? Jullie werken buitenshuis. Moeder’s boerderijtje? En de scholen, wat met de school?’
‘Ik weet het, het is moeilijk maar laat me even uitpraten. Len is ziek en goed ook. Ze zat in het tehuis waar ik werk en, lach niet Willem, middelbare overspannen vrouwen zijn beklagenswaardig. Ze zitten daar niet zomaar. Hoor je?’ Bestraffend keek ze hem aan.
Willem knikte ootmoedig. ‘Ga door.’
Ik beet alleen nagels.
‘Slecht huwelijk, geen kinderen kunnen krijgen, barbie van buurmeisje ontvoeren, onder curatele gesteld bij een paar waardeloze hulpverleners, enfin, je snapt dat ze volledig doordraaide. Zwaar getraumatiseerd. Op het ogenblik volgt ze een cursus Alliteratie in Namen.’
We luisterden overdonderd. Vreselijk om middelbaar te zijn met dergelijke kwalen.
‘Maar,’vroeg ik,’wat heeft dat met mij te malen? Ze leek niets van kinderen te willen weten.’
‘Dat zal ik je vertellen,’ antwoordde Olga. Ze schoof dichterbij.

© Bertie
Wordt vervolgd.

==

Klik op ‘vervolgverhaal’ om alle afleveringen te lezen.

Advertenties

Boek ‘God is klein geschapen’

Absurdistisch, grappig, Vlaams, Brusselmansachtig maar menselijker, deprimerend, zwartgallig, droog, enzovoorts.

Het is allemaal waar. Ik ben op de helft en kan het boek haast niet wegleggen. Het is vrij dun, ik krijg het vanavond wel uit.

Misschien zegt deze recensie het beter:god-is-klein-geschapen
Een korte passage↓ waarin een van de personen wraak neemt. Je moet maar op het idee komen.

boek god klein 001

Bedtijd

Het liefst zou ik gaan slapen; dan moet je uit je luie stoel om de deuren af te sluiten en de ramen te checken en het juiste bedboek opzoeken en dan nog de tandenpoetserij en het pyjamagedoe…
Naar bed gaan is een heidens karwei.
Maar je rust er goed van uit,  ook wat waard.
Tot morgen.

Avondlezen

_
De tijd vergeten met een genadeloos spannend boek, het overkwam me vanavond.

Het schemerde, de letters schemerden mee; al dieper boog ik over de pagina’s.
Intussen brak een regenbui los, ik merkte het amper  hoewel de serreruiten besloegen en het licht afnam.
Tenslotte kwam het einde;  ik rechtte mijn rug en zag hoe onzinnig ik daar zat.  Binnen was het donker. Buiten was het nat.
_

Stille wateren – diepe gronden?

Die ken ik weinig. De meeste stillen zijn verlegen, in eigen gedachten verzonken of juist gedachten-loos.
Een van de stillen die ik kende werd door zijn vriendin als Zeer Interessant aangemerkt: hij zegt niet veel maar dènken dat hij kan!   Aan zijn stiekeme vingers te voelen voornamelijk aan onze heupen en achtersten, dat vertelden we haar niet.
Een andere stille wist nooit waar we het over hadden; ze lachte bij iedere vraag. Ze deed dat zo vriendelijk dat ze sympathiek was.
Dan had je nog het lege hoofd. Niemand wist wat er in hem omging, alleen dat hij telkens als eerste zijn glas leeg had. Dat spoorde met zijn hoofd.
Eén keer zag ik een stil meisje, zo ongeïnteresseerd dat ze slechts blanco voor zich uit staarde, met moeite een enkele zielloze glimlach wist op te brengen.  In de spiegelende ramen herkende ik mezelf.
Ik schaamde me heel erg maar vond  een excuus: het was de puberteit.
Achteraf.